Wat is een inworp in voetbal?
Hoe wordt een inworp genomen?
De worp wordt genomen vanaf het punt waar de bal de zijlijn overschreed. De werper kijkt het veld in, houdt de bal met beide handen vast en brengt hem van achter en over het hoofd naar voren. Op het moment van loslaten moet een deel van elke voet op de grond staan, op de zijlijn of erachter. Tegenstanders moeten minstens 2 meter afstand houden van het punt van de worp.
De werper mag de bal niet nogmaals raken voordat een andere speler hem gespeeld heeft. Er geldt ook een beperking voor de doelman: een keeper mag een inworp die rechtstreeks van een ploeggenoot komt niet met de handen spelen binnen het eigen strafschopgebied. Net als bij een terugspeelbal levert dat de tegenstander een indirecte vrije trap op.
Wat is een foutieve inworp?
Een worp die niet aan de techniek- of locatie-eisen voldoet, is een foutieve inworp, en de hervatting gaat naar de tegenpartij. De meest voorkomende fouten zijn de bal met één dominante hand loslaten in plaats van met beide, hem van voor het hoofd afleveren in plaats van van achter en over het hoofd, een voet van de grond tillen of volledig het veld betreden op het moment van loslaten, en de worp duidelijk niet nemen vanaf de plek waar de bal het veld verliet.
Een foutieve inworp levert geen kaart op; het enige gevolg is het verlies van de hervatting. Op het hoogste niveau is dat gevolg wel degelijk reëel: balbezit wisselt van eigenaar door één technisch detail, en een defensie onder druk verliest een waardevolle kans om te herstarten.
Kun je rechtstreeks scoren uit een inworp?
Nee. Gaat de bal rechtstreeks vanuit een inworp in het doel van de tegenstander zonder dat iemand hem raakt, dan telt het doelpunt niet en hervat het spel met een doeltrap. Stuurt de werper de bal op een of andere manier rechtstreeks in het eigen doel, dan is dat ook geen eigen doelpunt; de tegenstander krijgt in plaats daarvan een hoekschop. Elke aanraking van welke speler dan ook onderweg heft de uitzondering op en gelden de normale doelpuntregels.
Omdat er geen buitenspel geldt vanuit een inworp, wordt de lange inworp een echt aanvalswapen. Teams met een specialistische werper laden het strafschopgebied vol en behandelen de worp als een hoekschop, wat regelmatig kansen oplevert, terwijl een snelle korte inworp de eenvoudigste manier is om het ritme van een aanval levend te houden.
Deze term in Shutli
Inworpen ogen als kleine gebeurtenissen, maar ze bepalen de pols van een wedstrijd: een snelle inworp houdt de druk levend, een trage koelt de wedstrijd af. Shutli's live analyse maakt dat ritme zichtbaar in Live Tempo-analyse, en wanneer een team het strafschopgebied volpakt voor lange inworpen, registreert de opbouwende druk zich ook op de Momentum-grafiek.